«

Kloostertuinen van maatschappelijk actieve religieuzen (congregatie)

Andere religieuzen zijn vaak ‘buiten de deur’ werkzaam, bijvoorbeeld in het onderwijs of de verpleging. Of betrokken bij armenzorg en allerlei andere sociale noden. Deze religieuzen behoren vaak tot een congregatie. Hun kloosters staan vaak in een stad of een dorp.
De meeste ervan zijn in de 19e en 20e eeuw gesticht. Bij hun zoektocht naar grote huizen is een deel van de congregaties ingetrokken in voormalige land- en herenhuizen.

heemstede

De daarbij horende tuinen vertonen soms sporen van tuinarchitecten zoals Zocher en Springer of zijn in de Engelse landschapstijl aangelegd. Hun tuinen waren aanvankelijk ook ingericht op zelfverzorging (landgoedtuinen werden daarop aangepast) maar hebben de laatste tientallen jaren vooral een recreatieve functie gekregen. De nutstuinen verdwenen vaak, op enkele fruitbomen na. Wat bleef is vooral een tuin voor devotie met beelden van Maria, Jozef en andere heiligen, soms nog een Lourdesgrot, kruisweg of Calvarieberg, maar vooral bedoeld en om in te recreëren, een siertuin, stiltetuin of een wandelpark.

Tuinaanleg en onderhoud
De congregaties namen meestal tuinbazen in dienst voor het onderhoud van de tuinen. Ook de boerderij werd uitbesteed aan mannen die in dienst waren. Tuinbazen richtten de tuinen in, meestal in overleg met de besturen van de congregaties. Sporadisch werden daarbij tuinarchitecten ingeschakeld. Tuinarchitecten zijn luxe en kosten geld. Alleen bij nieuwbouw werd er voor het siertuindeel soms een ontwerp gemaakt.

Thans verdwijnen de tuinbazen in vaste dienst meer en meer en wordt het onderhoud vaker uitbesteed aan hoveniersbedrijven. Meer en meer krijgt de natuur (ook als vorm van kostenbesparing: minder maaien, minder schoffelen) de ruimte in de tuinen.